De overstap van de (speciale) basisschool naar het voortgezet onderwijs kan een spannend traject zijn. Zeker wanneer uw kind extra hulp en aandacht nodig heeft. Welk soort onderwijs is voor uw kind het best geschikt?
Als uw kind in groep 7 of 8 van de (speciale) basisschool zit, gaat u in de loop van het schooljaar samen met uw kind naar een school voor voortgezet onderwijs kijken. Voor leerlingen die aanvullende hulp en extra aandacht nodig hebben, bieden verschillende middelbare scholen leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (pro) aan.
Het lwoo is voor leerlingen die, met extra (tijdelijke) begeleiding, in staat zijn hun vmbo-diploma te halen. Voor pro-leerlingen is het vmbo te hoog gegrepen en is ook het lwoo-programma niet toereikend. Binnen het praktijkonderwijs worden de scholieren rechtstreeks opgeleid voor een plek op de arbeidsmarkt. Scholen die dit programma aanbieden, werken nauw samen met tal van bedrijven. De focus binnen deze onderwijsvorm ligt op het aanleren van vaardigheden, zodat de leerlingen aan de slag kunnen op de arbeidsmarkt en leren functioneren in de maatschappij.
De school van uw keuze kan deze twee alternatieve onderwijsprogramma's enkel aanbieden, wanneer ze van tevoren weet van de komst van uw kind. Dat heeft onder meer te maken met de subsidie die de school van het Rijk ontvangt. Over de benodigde indicatiestelling en de criteria om in aanmerking te komen voor een alternatief onderwijstraject, leest u hier meer.
Wilt u weten welke school het best aansluit op de mogelijkheden en talenten van uw kind? Bekijk de film (link naar film), waarin de vier scholen van het Samenwerkingsverband VOGO zich voorstellen.